Syndroom van Sjögren en het non-Sjögren siccasyndroom

Het syndroom van Sjögren is een auto-immuunziekte. Dit betekent dat de natuurlijke afweer (ook wel het immuunsysteem) het lichaam niet beschermt, maar zich tegen het lichaam keert. Daardoor raken vooral traan- en speekselklieren ontstoken en ontstaan er onaangename klachten. Bovendien is de ziekte chronisch en heeft een Sjögrenpatiënt tot op heden geen andere keus dan te leren leven met de aandoening.

De ziekte komt voor bij ongeveer 0,5 procent van de volwassen wereldbevolking. Hoewel de ziekte ook bij jonge kinderen, tieners en ouderen voorkomt, ontstaat deze in veruit de meeste gevallen tussen het 20e en 40e levensjaar. Daarbij hebben vrouwen bijna tien keer zoveel kans op de aandoening dan mannen. Over de oorzaak van de ziekte is nog steeds weinig bekend. De ziekte komt overal ter wereld voor, ongeacht huidskleur of sociale omstandigheden. Wel lijken een virusinfectie en erfelijkheid een rol te spelen.

Klachten en kenmerken

Het overgrote deel van de Sjögrenpatiënten beschrijft dezelfde klachten. Het syndroom kenmerkt zich dan ook door een aantal symptomen:

  • Droogte van vooral ogen, mond, huid, luchtwegen en vagina
  • Vaak onverklaarbare vermoeidheid
  • Spier- en gewrichtspijn
  • Grieperig gevoel

Hoewel de ziekte in de meeste gevallen geen directe gevaren voor het lichaam oplevert, is het zaak om de klachten goed in de gaten te blijven houden. Bij één op de twintig patiënten kan een non-Hodgkin lymfoom ontstaan, een kwaadaardige afwijking van de speeksel- en lymfeklieren.

Non-Sjögren siccasyndroom

Naast het syndroom van Sjögren bestaat het non-Sjögren siccasyndroom. Bij het non-Sjögren siccasyndroom  is er geen verhoogde kans op het non-Hodgkin lymfoom, zijn er geen auto-antistoffen (anti-SSA en anti-SSB) in het bloed en is er geen afwijkend lipbiopt. Bovendien worden geen andere orgaansystemen aangetast en zijn er geen ontstekingen. De patiënt heeft echter wel last van de typische droogteklachten. Daarom is ook hier symptomatische behandeling van groot belang. Vaak worden deze patiënten doorverwezen naar de huisarts, tandarts en/of oogarts om de droogteklachten te behandelen.